De drie pijlers van het pensioen

Het pensioen woont in een oerwoud van afkortingen, regels, uitzonderingen op die regels en vele verschijningsvormen. Gelukkig hoeft u niet alles te snappen om een bewuste keuze te kunnen maken voor een goede financiële toekomst. Daarom houden we het bij de drie pijlers van het pensioen.

De drie pijlers van het pensioen

1. AOW, het basispensioen voor iedereen

De Algemene Ouderdomswet (AOW) is een basispensioen die elke inwoner van Nederland ontvangt zodra hij of zij de AOW-leeftijd bereikt. De hoogte van de AOW is niet voor iedereen hetzelfde. Heeft u een aantal jaar in het buitenland gewoond? Grote kans dat u daardoor minder AOW krijgt dan iemand die zijn hele leven in Nederland heeft gewoond. Ook uw gezinssituatie en de leeftijd van uw partner bepalen de hoogte van uw AOW. Check de site van de Sociale VerzekeringsBank (SVB) voor meer informatie over de AOW.

2. Pensioen via uw werkgever(s)

Bij de meeste werkgevers bouwt u pensioen op. Dit is vaak zo afgesproken in de CAO. U bouwt pensioen op door maandelijks premie af te betalen aan een pensioenfonds of verzekeraar. De hoogte van de premie hangt onder andere af van de hoogte van uw salaris. U bouwt vaak niet alleen pensioen op voor uzelf maar ook voor uw partner en kinderen voor als u overlijdt. Meld uw partner daarom aan bij uw werkgever of pensioenuitvoerder. Wilt u weten hoeveel u (straks) krijgt? Kijk op www.mijnpensioenoverzicht.nl U vindt daar uw AOW en pensioenen die u via uw werkgever(s) heeft opgebouwd.

3. Eigen vermogen, lijfrente en banksparen

De derde pijler van uw financiële toekomst bestaat uit de zaken die u zelf regelt. Denk daarbij aan eigen vermogen in de vorm van spaargeld, een eigen woning of beleggingen. Daarnaast kunt u extra vermogen sparen via lijfrente of banksparen. U zet dan geld opzij zet bij een bank of verzekeraar. Dat geld kunt u tussentijds niet opnemen, in ruil daarvoor krijgt u een belastingvoordeel. Zo bouwt u een mooi extraatje op voor later.